Richard Wagner, op muzikaal gebied één van de belangrijkste figuren van de negentiende eeuw, behoort tot de meest invloedrijke componisten ooit. Zijn eerste muzieklessen kreeg hij in Leipzig, zijn geboorteplaats. Vanaf zijn jeugd waren zijn voornaamste interesses muziek en het theater.
Wagner leefde een buitengewoon onstuimig leven: hij reisde heel Europa rond - van Leipzig naar Riga, naar Parijs, Dresden, Zürich, Bieberich, Wenen en Bayreuth. Nergens bleef hij lang, nergens kwam hij vaak. Vaak was hij op de vlucht voor schuldeisers of de regering. Wagner trouwde twee keer: de eerste keer met Minna Planer, een actrice, de tweede keer met Cosima, de dochter van Liszt. Wagner was anti-semitisch en had een afkeer van buitenlanders, en zijn pamfletten, vaak zonder muzikaal onderwerp, werden in de jaren dertig en veertig bewonderd door Adolf Hitler.
Toch worden zijn laatste tien opera's, van de dertien die hij geschreven heeft, nog vaak opgevoerd. Het zijn schitterende meesterwerken, die de muziekcultuur totaal veranderd hebben. Wagner veranderde opera in "muziek-drama", eigenlijk een perfect samenspel tussen muziek, dichtkunst, dans, drama en de visuele kunsten. Hij maakt veel gebruik van Leitmotive. Hij verruimde de grenzen van het harmonische universum van zijn tijd, en in zijn latere werken schreef hij muziek van ongekende rijkdom en complexiteit en legde hij de weg open voor veel ontwikkelingen van de volgende eeuw.
Ook zamelde Wagner geld in voor een zeer bijzonder theater, het Festspielhaus in Bayreuth, waarin hij zijn eigen werken onder ideale omstandigheden kon uitvoeren. Tegen de tijd dat Wagner overleed, was hij een Europees cultureel symbool geworden.